Adriaan van Dis

Ik kom terug

Wie is de ik in de titel? Wie heeft hier het woord en wat suggereert de titel met dat terugkomen? Waar komt de ik van terug, waar is de ik dan eerst geweest?
Het boek van Adriaan van Dis draagt een boektitel die meer vragen oproept dan antwoorden geeft. En juist dat aspect heeft me nieuwgierig gemaakt naar de inhoud. Kopen dus, dat boek, dacht ik.
In ‘Ik kom terug’ gaat het niet zoals in zijn eerdere romans, over de vader van de auteur, deze keer is het zijn moeder die de hoofdrol speelt. Zij is de ik uit de titel, van haar is de opmerking ‘Ik kom terug’ als een waarschuwing, geuit aan de nabestaanden in het geval ze niet meer leeft.
Zij is de stokoude moeder, die onaardig, bokkig en afstandelijke is, met wie de zoon geen goede band heeft. Moeder en zoon sluiten een pact: zij wil met zijn hulp sterven en hij wil haar verhaal optekenen.
Over die twee schrijft Van Dis vol mededogen, met licht spot maar ook liefdevol en ontroerend.
Ik vraag me wel af, wat in dit memoir nu waargebeurd is en wat fictie is?
De auteur geeft ook aan de moeder de eer om de boektitel uit te spreken , haar woorden bekronen het boek zoals haar wil wet is.
Voor dit boek ontving Adriaan van Dis in 2015 de Libris literatuurprijs.