Om te beginnen

Om erachter te komen of het verhaal mij aanspreekt lees ik altijd de eerste zinnen van een boek. Een goed begin toont me als lezer of de stijl me aanspreekt, of de bladspiegel lekker leest en of ik nieuwsgierigheid wordt naar het vervolg van het verhaal. Onderstaande zinnen voldoen aan die criteria.


Klik en kijk.

Jezus, hij is het, Juda.

Jezus, hij is het, Juda.

 

GEBREK IS EEN GROOT WOORD | NINA POLAK

Nynke Nauta komt na jaren weer terug in Amsterdam. Na de dood van haar moeder, zeven jaren geleden is ze als een soort zeilmeisje de hele wereld over gestoken. Nu is ze terug bij haar opvang-familie, een gezin in Oud-Zuid, bij wie ze intrekt in het tuinhuisje.

Nynke oftewel Skip merkt dat vrienden inmiddels zijn getrouwd en kinderen hebben, ze ziet dat Amsterdam druk en vies is geworden en dat haar ex Borg nog steeds dezelfde onhebbelijke man is. Ze wilde na zeven jaren terug naar huis maar eenmaal thuis ontdekt ze dat het bodemloze dobberen op de oceaan niet alleen een vlucht is geweest. Voelde ze zich op het jacht niet beter thuis dan hier op het vasteland?
‘Gebrek is een groot woord’ is een boek waarin Polak een pijnlijke strijd beschrijft tussen vrijheid en hechting.

Polak heeft een eigen manier van kijken en van schrijven. Haar keuze voor onderwerp, omslag en eerste zin vloeien daaruit voort. Haar zinnen klinken soms poetisch: Zo doe ik het ook, volle kracht, naar ergens waar het anders is, om steeds weer bewezen te zien dat afstand het verleden verdunt.
Naast de krachrige eerste zin en origineel omslag is 'Gebrek is een groot woord' ook een aantrekkelijke roman. Ik kijk uit naar haar derde.

Uitgegeven bij Prometeus.

 

"Het was André Met De Honden die ons het eerst over de vondst van het zout vertelde".

 

 

Zout | Marc Reugebrink

Zo begint ‘Zout’, het boek van Marc Reugebrink waarin André met name aan het begin en aan het einde van het verhaal van zich laat horen. Met De Honden.

Het verhaal waarover André spreekt, speelt zich af aan het eind van de negentiende eeuw, op het landgoed (fictief) van baron Jacob Unico Wilhelm van Rudersdorf Helmstadt en zijn vrouw barones Agnes Christina Helmstadt van Uitganck, bewoners van kasteel ’t Raesfelt, gelegen in het landelijke Lende.

Als tijdens de theevisite op het kasteel een bezoeker zijn zorgen uitspreekt over de waterkwaliteit schrikt de baron zo zeer dat hij op zijn landgoed overal waterputten laat slaan op zoek naar schoon water. Hij vindt ondanks alle inspanningen alleen maar pekel. Het project mislukt volledig met desastreuze gevolgen. De baron en barones gaan ten onder, de dorpsgemeenschap vervalt.

Marc Reugebrink, geboren in Twente, nu wonend in Gent, schrijft met verve en in beeldrijke taal een historische verhaal vol tragikomische gebeurtenissen. Waarom het verhaal een duister omslag draagt, is me niet duidelijk. Het doet geen recht aan de lichtheid van het verhaal.

‘Zout’ is een boek om te lezen en cadeau te doen, Marc Reugebrink een auteur om te onthouden.

Uitgegeven bij Querido  Zoutmuseum Logo 168x150

 

Ze moest steeds overgeven. Een vrouw in het toilet zei: "Ga toch liever aan dek".

Ze moest steeds overgeven. Een vrouw in het toilet zei:

Felicia's reis | william Trevor

De beginzin is de aanvang van de reis van het zeventienjarig meisje Felicia. Ze steekt de Ierse Zee over om haar geliefde Johnny te zoeken om hem te vertellen dat ze zwanger van hem is. Felicia is door haar vader op straat gezet nu ze zwanger blijkt te zijn van een lid van de bezettingsmacht oftewel Engeland.

Als ze in Engeland is aangekomen gaat ze naar Johnny op zoek in de armoedige industriesteden van de Midlands waar hij zich volgens zeggen zou ophouden. Ze kan hem niet vinden.
Ze ontmoet er wel de heer Hilditch. Deze 54-jarige alleenstaande man biedt haar gastvrijheid en onderdak. Zijn gedrag is grillig en onbetrouwbaar, hij ontpopt zich al gauw als een Dutroux-achtig type.

‘Felicia’s reis’ heb ik gelezen als een verhaal over de vraag in hoeverre mensen de gevangene zijn van hun verleden. Een thema dat me erg aanspreekt, mede om die reden bevalt dit boek me zo.
De tocht van Felicia speelt in een tijd waarin Ierland op de rand staat van een burgeroorlog met als dieptepunt de Sinn Fein-Paasopstand van 24 april 1916.
Het boek kwam in 1994 uit, is in 1999 verfilmd door  Atom Egoyan en inmiddels uitgegroeid tot een klassieker. 

foto quote W Trevor

William Trevor( 1928-2006) is Ier in hart en nieren, een auteur die graag over de geschiedenis van Ierland schrijft. Niet voor niets vernoemt hij de hoofdpersoon uit dit boek naar een vrouw die in 1916 op de barricaden heeft gestaan van de Paasopstand en daarbij is omgekomen. Hij toont in het boek ‘Felicia’s reis’ dat het kwaad het aflegt tegen de kracht en de goedheid van een vrouw als Felicia. Lezen dus..

Trevor is vele malen gelauwerd voor zijn romans, korte verhalen en novellen. Hij is tot op hoge leeftijd een scherpzinnig auteur gebleven.

Uitgegeven bij Meulenhoff

“In die tijd dronk ik vaak van die glaasjes onbeduidende witte rijnwijn, terwijl ik sterk aan Paules lichaam dacht”

“In die tijd dronk ik vaak van die glaasjes onbeduidende witte rijnwijn, terwijl ik sterk aan Paules lichaam dacht”

 

Rivier van vergetelheid | Philippe Claudel

Een beginzin, die vragen oproept als: over welke tijd heeft de verteller het hier, waarom die eenvoudige rijnwijn, wie was Paule en wat was er met dat lichaam aan de hand? Een beginzin vol vragen en daarmee een uitstekend begin om ‘Rivier van vergetelheid’ te gaan lezen.

Zo kom je er als lezer achter dat er in het debuut van Philippe Claudel een mannelijke verteller aan het woord is van rond een jaar of dertig. Hij rouwt over de dood van zijn geliefde Paule, die jong is gestorven. Met haar bezocht hij de kroegen van Gent, Brugge en Oostende en waar zij hartstochtelijk de liefde bedreven. Totdat bij haar een ongeneeslijke vorm van kanker werd vastgesteld en zij na een kort ziekbed sterft.
Na haar dood vestigt de man zich in het trieste Maasstadje Feil in de Ardennen om gedurende een winter zijn verlies te verwerken. Langzaam leert hij hier de dood van Paule – en daarmee ook weer het leven – te aanvaarden. Daarbij vindt hij troost in het tijdloos verglijdende bestaan in het verstilde stadje en in zijn kleine contacten met de vriendelijk afstandelijke bevolking.

In prachtige details en dankzij zijn groot inlevings- en observatievermogen weet Claudel het gevoel van verlies op te roepen: ,,Ik rook opeens de geur van uiterst sterke koffie en geroosterd brood. Ik ging weer liggen in de warmte en herinnering aan soortgelijke momenten die we samen hadden beleefd”.

rivier vergetelheid

Kort na deze debuutroman breekt Claudel definitief door met zijn boek ’Grijze zielen’ dat in vele talen is vertaald en is verfilmd.

Uitgegeven bij De Bezige Bij

Na de begrafenis vatte mijn oom Jim het idee op mijn nieuwe vader te worden

Na de begrafenis vatte mijn oom Jim het idee op mijn nieuwe vader te worden

 

Heilbot op de maan | David Vann

De zin waarmee David Vann zijn nieuwste boek begint, komt uit het eerste van de vijf verhalen die het oorspronkelijke verhaal ‘Heilbot op de maan’ omlijsten.
De verhalen hebben net als ‘Heilbot op de maan’ het thema: de zelfmoord van de vader van David Vann, Jim, die op 15 maart 1980 een kogel door zijn hoofd schoot. De manisch-depressieve Jim – ex-visser en tandarts – was negenendertig jaar oud, David was dertien. Vann blijft deze gebeurtenis in zijn romans en verhalen zoals in ‘Legende van een zelfmoord’ en ‘Caribou Island’ herhalen en herkauwen. In het voorwoord van 'Heilbot op maan' gaat hij dieper in op het waarom.

Ik heb tot nu toe alle boeken van David Vann gelezen. Ik houd van zijn stijl, zijn mededogen voor de verdrukten, de onaangepasten, de mensen met depressie zoals zijn vader. Hij vlecht op vele literaire manieren de verhaallijnen over zijn eigen leven in Alaska, de eeuwige fascinatie van zijn familie voor visvangst, jacht en wapens door zijn boeken. Ik vind zijn werk fascinerend, zeker niet zwaarnoedig en in zijn soort vernieuwend.

Vann schrijft in ‘Heibot op maan’ krachtig en genadeloos over de dolende Jim, vader van twee kinderen, gescheiden en op zoek is naar verlossing. Het wapen waarmee hij zelfmoord wil plegen is het pistool dat hij altijd in zijn buurt heeft. Zijn broer Doug ontfermt zich over hem en probeert hem op andere gedachten te brengen. Maar begrip en de juiste hulp vindt Jim nergens. Verlossing uiteindelijk wel. 

Vertaald door Arjaan van Nimwegen en Thijs van Nimwegen, uitgegeven door de Bezige Bij

"Ik stond achter op het veld, toe te kijken hoe het linkerbeen van mijn vader door een maaidorser werd opgegeten"

 Jij bent van mij | Peter Middendorp

De eerste zin is een voorbode voor de tragische gebeurtenissen die me stonden te wachten. Het is een zin die aantrokt en afstoote. Wil ik een verhaal over de tragiek van het boerenland en een jonge schoonheid wel lezen?
Met de aanbeveling van een vriend indachtig zette ik door en las ik met veel bewondering het verhaal dat in de verte doet denken aan de zaak Marianne Vaatstra.

De -ik- uit de eerste zin is Tille, de wat hulpeloze en wereldvreemde boer(enzoon). Hij trouwt met Ada, ze krijgen een dochter en zoon, maar dan is ‘de sjoege verdwenen’, laat Middendorp Tille zeggen: ‘Een echtgenote geeft seks als een koe melk – een paar seizoenen, vijf, zes, en het beste is er wel vanaf.’
Tille is een man van weinig woorden, tevreden met zijn lot en ervan overtuigd dat je een boer niet moet leren om boer te zijn, net zoals je een koe niet moet leren om melk te geven. 
Voor zijn dochter bewaart Tille de liefdevolle woorden, de band tussen vader en dochter is er een van warmte en genegenheid.

Middendorp veroordeelt Tille nooit, de boer doet zijn best in dit leven, ook al weten we dat dit niet altijd voldoende is, zeker niet na “het ongeluk”, zoals Tille zijn moord vergoelijkt.
Dat hij uiteindelijk vrijwillig de DNA-test laat uitvoeren die tot zijn arrestatie zal leiden, verpakt hij in een nieuwe koeien-metafoor. Haar leven lang vecht een koe tegen het wantrouwen tegen de boer en pas wanneer ze hem helemaal vertrouwt, leidt hij haar naar het slachthuis.

‘Jij bent van mij’ is een beklemmend verhaal in een fijnzinnige stijl geschreven. Een boek met een onvergetelijke eerste zin. Heel goed gedaan, Peter.

Uitgegeven bij Prometheus

Het is een tintelende herfstmiddag.

Het is een tintelende herfstmiddag.

De dood van Jezus
J.M. Coetzee

Zes jaar geleden publiceerde J.M. Coetzee het eerste deel van zijn Jezustrilogie: ‘De kinderjaren van Jezus’. In ‘Schooldagen van Jezus’ komt het opgroeien van het jongetje David aan de orde. Zijn stiefvader Simon en – moeder Ines zoeken naar een vorm van onderwijs dat bij hem past. Uiteindelijk komen ze terecht in Estrella waar David de dansacademie bezoekt.
In het slotdeel ‘De dood van Jezus’ is David 10 jaar oud en wordt hij ziek, ernstig ziek. Na een kort ziekbed overlijdt hij. Hoe kan zoiets vreselijks gebeuren, wat ging er mis en wat moeten zijn ouders nu, nu hun stiefkind voor wie ze alles hebben overgehad er niet meer is?

Dit afrondende deel van de trilogie is het verhaal over het leven en de dood van een weesjongen die elke week voetbalt met zijn vriendjes, dol is op dansen en verslingerd is aan het boek Don Quichot. Wie was David eigenlijk, waar komt hij oorspronkelijk vandaag en waarom was hij zo anders dan de andere kinderen? Welke betekenis heeft zijn 10 jarig bestaan gehad?

Coetzee toont dat het leven van deze bijzondere jongen een zoektocht vol raadselen is waarbij de vragen van meer waarde zijn dan de antwoorden.
In de drie boeken verwijst de auteur indirect en directe naar filosofisch gedachtegoed en naar het Oude Testament. Ik heb al die verwijzingen niet altijd begrepen maar tot het einde toe hield het verhaal me in haar greep.
Duidelijk is wel dat David door de andere weeskinderen als een soort Messias wordt gezien, een soort gids voor wie ze alles overhebben. Het drietal Simon, Ines en David is duidelijk een variatie op de Heilige Familie. Don Quichot is uitgegroeid tot zijn Bijbel.

Het verhaal van deel drie begint helder en onschuldig en eindigt complex en vol vragen. Je moet een geweldig goede auteur zijn wil je zo’n raadselachtige en boeiende trilogie kunnen ontwerpen en schrijven.
Vertaald door Peter Bergsma, uitgegeven bij Cossee.

Het is donker en het avondverkeer schuift langzaam door de straat voor het huis, de lichten van de auto schemeren door het plastic doek, de hele wereld vervaagt achter het dekzeil en de steiger.

Het is donker en het avondverkeer schuift langzaam door de straat voor het huis, de lichten van de auto schemeren door het plastic doek, de hele wereld vervaagt achter het dekzeil en de steiger.

De gelukkigen

Kristine Bilkau

Het is donker en het avondverkeer rijdt door de straat. Het verhaal start met deze sfeervolle beschrijving van de tijd en de plaats waar het verhaal zich afspeelt.
Een 
verhaal waarin het leven van ‘De gelukkigen’, het liefdespaar Isabel en George, centraal staat.
Ze wonen samen met hun zoontje in een niet bij naam genoemde grote stad en leven een gelukkig en verantwoord leven in het appartementencomplex, dat gerenoveerd wordt.

Als aan het einde van de verbouwing het gehele gebouw straalt en blinkt, past het complex nog beter in de opgepimpte buurt. Alleen het leven van Isabel en George houdt geen pas met deze vrolijke vooruitgang.

Tijdens het proces van renovatie van het gebouw ontstaan er barstjes in hun idylle. Isabel kan op een bepaald moment niet langer haar beroep van celliste uitoefenen door een trilling in haar arm, George raak door een reorganisatie zijn baan kwijt.
Hun rijke en gelukkige periode lijkt ten einde te komen. Ze schamen zich om hun statusverlies, hun financiële situatie verslechtert en hun liefde wordt op de proef gesteld.

Kunnen ze accepteren dat hun leven anders loopt dan zij gedacht hadden?

Vertaald uit het Duits door Isabelle Schoepen en Kris Lauwerys, uitgegeven bij Cossee.

 

 

 

lijntje geel