LAZAR
Nelio Biedermann
Nelio Biedermann schreef een kloeke roman over de ondergang van zijn adellijke, Hongaarse familie tussen ca 1900 en 1956, het jaar van de Russische inval. Het is een indrukwekkend debuut en het stond direct hoog in de verkooplijsten. Dat plotselinge succes maakte mij argwanend en nieuwsgierig tegelijkertijd, dus kopen dat boek en lezen.
Het boek begint pakkend: Elke ochtend zet de barones met een scheermes fijne sneetjes in haar porselein witte onderarm, om te voelen dat ze leeft. Daarna loopt ze gretig achter de brede schouders van de staljongen aan, die in het hooi een zoon met een doorzichtige huid bij haar zal verwekken.
Maar eerlijk gezegd raakte ik al gauw verstrikt in de veelheid van gegevens, situaties, gebeurtenissen, jaartallen en zijn soms buitensporige taalgebruik. Ik had weinig houvast en van intimiteit en betrokkenheid was weinig sprake.
Toch heb ik ook genoten van de vreemde familieleden, die hij tegen de historische achtergrond uittekent en van de soms prachtige zinnen die je even doen stilstaan. Ik bewonder deze jonge auteur, pas 22 jaar oud, om zijn lef zo’n turbulent verhaal te schrijven.
Het smaakt zeker naar meer en het belooft ook meer. Maar zoals sommige recensenten de vergelijking maken met Thomas Mann lijkt me wat overdreven.
Om de omslag staat een krachtig wit paard, adellijk.